Alles over inline-skaten

Recreatief schaatsen en skeeleren

Schaatsen is uitgevonden, omdat mensen zich over natuurijs wilden verplaatsen. Tegenwoordig gaan mensen schaatsen voor hun plezier of als sport. Als er in de winter natuurijs is, wordt dit door

veel gezinnen bezocht. Het gebeurd echter steeds minder vaak dat het hard genoeg vriest om een veilige ijsbaan te hebben. Er zijn overdekte kunstijsbanen waar het hele jaar door geschaatst kan worden. Toch lijkt een schaatsbaan in de buitenlucht veel meer recreatie schaatsers te trekken. Veel gemeentes maken daarom een ijsbaan op een plein zodat er toch buiten geschaatst kan worden. Vooral voor kinderen is dit een gezellig uitje, waarbij er vaak muziek en kraampjes met warme chocolamelk aanwezig zijn.

Als zomerse variant van de schaats is de skeeler uitgevonden waarbij de ijzers vervangen zijn door wieltjes. Op deze manier konden topsporters in de zomer trainen voor de schaatswedstrijden.

Vandaag de dag zie je vooral veel kinderen en jongeren gebruik maken van skeelers op straat, maar er zijn ook skeelerclubs waar fanatiek geskeelerd wordt.

Wanneer je nieuwe schoenen koopt, is het belangrijk om de juiste maat te hebben zodat je geen last van je voeten of rug krijgt. Bij schaatsen en skeelers is dit minstens zo belangrijk. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden met de steun die de schaats en skeeler aan de enkels geeft. De enkels hebben gevoelige drukpunten, wat dit deel van de schaats en skeeler belangrijk maakt. Om lekker te kunnen bewegen, moet het goed aansluiten maar zeker niet te strak zitten. Het is raadzaam om skeelers en schaatsen te passen voordat je ze koopt. Een gewone schoen wordt vaak nog wat uitgelopen, maar een schaats en skeeler moeten direct goed zitten. Om deze rede zijn de schaatsen en skeelers veelal gemaakt van materialen die door warmte vervormd kunnen worden waarna deze precies aansluit op de vorm van de voet en enkel.

Er zijn verschillende soorten schaatsen die gebruikt worden voor verschillende doeleinden:

  • Kinderen die net leren schaatsen doen dat over het algemeen op schaatsen met dubbele ijzers zodat ze minder snel omvallen.
  • Kunstschaatsen zijn geschikt om korte afstanden mee te schaatsen en te dansen op het ijs. De schaats is ontworpen voor de soepelheid van de bewegingen. Op de punt zitten tanden
  • die
    bedoeld zijn voor het landen bij het maken van sprongen.
  • Bij ijshockeyschaatsen is flexibiliteit en snelheid van essentieel belang, daarom zijn de ijzers van deze schaatsen rond en hol geslepen waar nodig. Daarnaast moet de schaats stoten kunnen opvangen. De hoge schoen is gemaakt van dik en stevig materiaal ter bescherming van de voet en enkel. IJshockeyschaatsen worden vooral door mannen gedragen en hebben over het algemeen een stoere uitstraling.
  • Noren zijn in het bijzonder geschikt voor toertochten. Typerend voor noren zijn de lange ijzers. Noren zijn verkrijgbaar in lage en hoge modellen. De hoge modellen zijn geschikt voor ervaren schaatsers die een snelheid maken waarbij hun enkels in bochten het ijs raakt. De lagere Noor ligt stabieler op het ijs en derhalve meer passend voor onervaren schaatsers.

Wat is inline-skaten?

De herkomst van de inline-skate

Deze intensieve buitensport dankt zijn bestaan aan de ouderwetsere (hoewel tegenwoordig weer helemaal hip) variant van deze tak van sport, namelijk rolschaatsen of side-by-side-skates. Toch wordt inline-skaten in Nederland meer gezien als een variant van schaatsen op ijs dan als variant op het rolschaatsen. Dit komt wellicht mede door het feit dat de top van het inline-skaten in Nederland voornamelijk bestaat uit marathonschaatsers.

Skatesport

Eigenlijk behelst inline-skaten een specifieke tak binnen de overkoepelende skatesport. Onder de noemer skatesport verstaan we alle sporten uitgevoerd op een paar sportattributen met twee, drie of vier vielen, welke onder de voeten gebonden worden.

Naast inlineskaten zijn andere divisies binnen de skatesport het out of line-skaten, aggressive skating, freestyle skating, downhillspeedskating, off-roadskaten, kunstrijden, fitness-skaten, funskaten, Friday night skaten, rolhockey, inlinehockey, streethockey, inlinebasketbal, rollersoccer en roller derby.

Inline-skaten

Inline-skaten staat tevens bekend onder de naam inline-speedskaten. Het gaat hierbij om het hardrijden op de skeeler of skate. Deze inspannende sport wordt zowel op straat als op een piste beoefend, waarbij diverse afstanden toegepast worden.

Zuid-Amerika

In tegenstelling tot Nederland wordt er in andere delen van de wereld, met in het bijzonder Zuid-Amerika, heel anders tegen inline-skaten aangekeken. Daar is het namelijk een erg grote sport. Zo deden aan het wereldkampioen inline-skaten van 2018 maar liefst 51 landen mee.

Overstap op langebaanschaatsen

Vrij opvallend is dat veel inline-speedskaters op den duur overstappen van inline-skaten op langebaanschaatsen. Enkele voorbeelden hiervan zijn de Amerikaan Derek Parra, Nieuw-Zeelanders Shane Dobbin en Peter Michael en de uit België afkomstige Bart Swings. De reden hiervan kunnen we vinden in het feit dat inline-skaten, in tegenstelling tot langebaanschaatsen, geen Olympische sport is.

Verschillende disciplines

De disciplines

Binnen het inline-skaten zijn in de loop der jaren nogal wat verschillende disciplines ontstaan.

  • Het rijden van korte afstanden op een baan welke tussen de 100 en 300 meter lang is noemen we time trials.
  • Bij de sprint start een groep van zo’n vijf à zes speedskaters. De afstanden zijn hierbij tussen de 500 en 1500 meter.
  • Tijdens een afvalrace wordt over een middellange afstand gereden. Hierbij moet de laatste rijder van de groep de wedstrijd verlaten. Dit herhaalt zich elke ronde, net zolang tot er een winnaar overblijft.
  • In een puntenkoers wordt de eerst aankomende rijder beloond met twee punten en de rijder welke als tweede aankomt krijgt een punt. Hierbij kan het te verkrijgen puntenaantal oplopen naarmate de race vordert, en levert de laatste ronde altijd de meeste punten op.
  • Een combinatie van de twee voorgaande wedstrijdvormen noemt men een “puntenkoers met afvallers.”
  • Wanneer een estafette met drie rijders per team gereden wordt, spreekt men van een relay.
  • Bij een criterium wordt gereden over een bepaalde tijd in plaats van afstand. Wanneer de tijd is verlopen worden nog enkele sprintrondes toegevoegd, waarbij snelheden van wel 60 kilometer per uur kunne worden gehaald.
  • Bij een marathon wordt een afstand van 42,195 kilometer gereden. Bij EK’s en WK’s wordt altijd op de weg gereden.